Een eetstoornis is gewoon een uit de hand gelopen dieet?

Wanneer nuance verloren gaat

 

Stel je voor dat je tien, twintig of misschien wel dertig jaar worstelt met anorexia, boulimia, eetbuien of obsessieve gedachten over eten. Dat je terugval na terugval beleeft. Dat je leeft in een lichaam dat strak staat van de onrust. En dat je op primetime radio hoort dat het eigenlijk een uit de hand gelopen dieet is.

“Een eetstoornis  is eigenlijk een uit de hand gelopen dieet.”

Dat kan snoeihard binnenkomen.

Deze uitspraak werd op 2 juni 2026 gedaan in De Rode Draad op NPO Radio 1, in een gesprek over eetstoornissen, psychiatrie en de invloed van dieetcultuur en schoonheidsidealen. Op zichzelf vonden we het verfrissend dat er kritisch werd gesproken over diagnostiek, medicalisering en het labelen van eetproblematiek. We pleiten immers al jaren voor een veel bredere kijk op eetstoornissen en verstoord eetgedrag.

Helaas werden er ook uitspraken gedaan die op ons nogal ongenuanceerd overkwamen. Die de problematiek in een te simplistisch hokje plaatst, waar het volgens ons niet thuishoort. Wat je zegt doet ertoe, zeker op de radio. En nog meer als je praat over een onderwerp waar zoveel schaamte, eenzaamheid en onbegrip omheen bestaat.

Denk aan iemand die al twintig jaar gebukt gaat onder stiekem eetgedrag. Een vader of moeder die zich zorgen maakt over zijn of haar kind. De student die eindelijk genoeg moed heeft verzameld om hulp te zoeken. Het kan voelen alsof de ernst van jouw situatie gewoon wordt weggewuifd. Alsof de jarenlange strijd terug te brengen is tot niet meer dan een mislukt dieet.

We vinden deze uitspraak dan ook bijzonder ongelukkig gekozen.

 

Van het ene in het andere uiterste

 

Het laat ook zien hoe gemakkelijk we van het ene in het andere uiterste kunnen schieten. Van de eetstoornis beschouwen als individuele psychiatrie tot het simpelweg zien als een gevolg van dieetcultuur en schoonheidsidealen. Beide perspectieven bevatten waardevolle inzichten en ze doen beide geen recht aan de complexiteit van wat er zich werkelijk afspeelt.

Dat maatschappelijke trends een grote rol spelen bij eetproblematiek staat buiten kijf. Waarschijnlijk meer dan ooit. Toen wij opgroeiden had je slechts een paar glossy tijdschriften, zoals de Cosmopolitan. Er was weinig reclame op televisie en we hadden huis aan huis bladen. Veel meer media was er niet, terwijl je nu waar je ook kijkt plat gebombardeerd wordt met beeldmateriaal. Natuurlijk doet dat iets met je. Zeker als je jong bent en je de buitenwereld nodig hebt om te ontdekken wie jij zelf bent. Het is niet raar dat je gelooft dat een dieet je iets oplevert in een cultuur waarin slank zijn gekoppeld is aan succes en afvallen openlijk bewonderd wordt.

 

Aanleiding is iets anders dan oorzaak

 

Dat veel eetstoornissen beginnen met een lijnpoging zien wij ook. Bij veel van onze cliënten begonnen de eetproblemen in de pubertijd na een aanvankelijk succesvol dieet. Alleen verklaart dat nog steeds niet waarom het bij de een blijft bij een dieet en bij de ander volledig ontspoort.
En als het werkelijk zo eenvoudig was, dan zou de eetstoornis oplossen, zodra je stopt met diëten. Maar dit is niet wat de realiteit laat zien. Velen die gestopt zijn met lijnen worstelen vervolgens nog jaren met eetbuien, restrictie, dwangmatige controle, lichaamshaat of een voortdurende preoccupatie met gewicht.

Natuurlijk ging niemand op dieet om een eetstoornis te ontwikkelen. Je begint met lijnen vanwege de belofte. Vanwege de hoop die erin verscholen ligt.

“Als ik slank ben……..

…dan krijg ik een relatie.”…dan krijg ik die promotie.”…dan tel ik mee.”…dan nemen ze me serieus.”…dan ben ik niet langer onzichtbaar.”

Kortom, wat is aanleiding en wat is oorzaak? Wat ligt er eigenlijk zo diep verscholen onder die eerste dieetpoging? Wat maakt je ontvankelijk voor het idee van succes en bewondering in the first place?

 

Maar mijn moeder heeft me wel geknuffeld

 

In het gesprek werd nog een uitspraak gedaan die ons bezig hield: “mijn moeder heeft mij wel geknuffeld”. Dit kwam op ons over als een impliciete weerlegging dat de hechtingsrelatie iets met eetproblemen te maken heeft.

“M’n moeder heeft me wel geknuffeld.”

Een gereguleerd veerkrachtig zenuwstelsel is niet opgebouwd door hoeveel je geknuffeld werd. Het heeft zich ontwikkeld door hoe  gereguleerd de mensen om je heen waren als ze bij je waren. Een moeder die bijvoorbeeld vaak onder hoge druk staat, gespannen is of met haar hoofd bij haar werk, is tegelijkertijd fysiek aanwezig én relationeel afwezig. Voor een kind is aanwezigheid het belangrijkste ingredient voor regulatie en groei, ongeacht het aantal knuffels.

Dit is geen verwijt aan onze ouders. Zij deden wat zij konden. Veel ouders staan bovendien zelf in overlevingstand, heel vaak generationeel doorgegeven. Wat een kind werkelijk nodig heeft is niet perfect ouderschap, wel een dragend systeem dat veiligheid en rust kan bieden. Dat noemen wij co-regulatie.

Kinderen kunnen zichzelf nog niet reguleren. Dat leren zij door gespiegeld te worden en mee te bewegen met iemand die dat wel kan. Was die iemand er niet, of was zij wel aanwezig maar zelf voortdurend in stand-by modus, dan leerde je dat je er alleen voor staat. Je systeem past zich aan en gaat op zoek naar oplossingen buiten zichzelf. Eten blijkt een goede match. Het kan vele rollen vervullen.

 

Wat wij eronder zien

 

Als je alles al hebt geprobeerd en toch tegen hetzelfde aan blijft lopen, spelen andere dingen een rol. Een hoge basisspanning in je lichaam, een hoogsensitief zenuwstelsel, ongezien trauma zoals een gemis aan emotionele nabijheid, een lage capaciteit en regulatievermogen, eenzaamheid, onbewust gewoontes die ervoor zorgen, dat je altijd over je grenzen gaat. En dit zijn slechts een paar voorbeelden.

Wat als de manier waarop jij eet, niet eet en beweegt noodzakelijk is om door de dag door te komen? Wat als het grootste deel van het probleem niet aan je zelfbeeld, je overtuigingen, je discipline of wilskracht ligt, maar aan je onderliggende fysiologie?

Bijvoorbeeld hoe je zenuwstelsel reageert op spanning of druk, hoe je hormonen samenwerken, hoe je honger- en verzadigingssignalen op elkaar zijn afgestemd, hoe je slaapt en hoe snel je ’s ochtends weer kunt focussen.

Voel je de hele dag honger? Kun je een lastig gesprek achter je laten of lig je er ’s nachts wakker van? Ben je al ver voor je vakantie begint aan het rekenen in je hoofd of voel je de stress een week voor dat etentje al toenemen?

Dit wordt allemaal aangestuurd vanuit hoe jij bedraad bent, hoe jouw lijf van binnenuit werkt. Bij eetstoornissen blijkt altijd sprake van een specifieke fysiologie met duidelijke kenmerken, die we daarom een eetstoornisfysiologie hebben genoemd.

Als je in de kindertijd (langdurig) te maken hebt gehad met trauma of als je gedurende een lange periode onder stress hebt gestaan past je fysiologie zich hierop aan. Je staat bijvoorbeeld continu aan en voelt je opgejaagd. Je hormonen raken uit balans. Je honger- en verzadigingssignalen worden onduidelijk. Je voelt je losgekoppeld van anderen en soms zelfs van de hele wereld.

 

Wat een dieet triggert

 

Voor de een is een dieet een ervaring van een paar weken. Vier weken low carb en klaar. Het lichaam veert terug in het eigen vertrouwde ritme, honger en verzadiging functioneren weer zoals vanouds, en het is klaar. Voor de ander is het een startsein voor betere zelfzorg, waarin gezond eten en sport een vaste plek hebben gekregen. En bij sommige mensen gaat het anders. Hun systeem herkent de dieet-toestand als vertrouwd terrein. Er wordt iets geactiveerd zonder jouw medeweten.

Een dieet vraagt onophoudelijk om alertheid: tellen, wegen, checken wat je eet, plannen wat je vandaag mag, uitzoeken of dat ene stukje nog binnen de marge past.

Dat is precies de toestand die iemand met een eetstoornisfysiologie herkent. Continu scannen. Alert blijven op alles wat afwijkt. Steeds opnieuw checken of het klopt. Geen enkel signaal missen. Het dieet is uitgegroeid tot iets veel groters dan het is. Voedsel, honger en vol zitten zijn ineens signalen die je zenuwstelsel als bedreiging leest. Je bent getriggerd en je systeem gaat in overlevingstand.

Zonder dat jij het in de gaten hebt heeft het dieet je als het ware teruggezet in het verleden. Misschien wel naar het moment dat je nog in de baarmoeder zat, je in de couveuse lag of dat je je alleen en niet begrepen voelde, toen je ouders gingen scheiden of je gepest werd op school.

Bij de een leidt dat tot eetbuien (een poging van je systeem om zichzelf te redden). Bij de ander tot steeds strakkere restrictie (een poging van je systeem om de dreiging te controleren). Bij weer een ander tot voortdurend calorieën tellen, jezelf wegen, menu’s plannen en controleren (een poging van je systeem om alert te blijven).

 

Waarom stoppen met een dieet niet volstaat

 

En dit is waarom “je moet gewoon stoppen met diëten” niet werkt. Het verstoorde eetgedrag zit simpelweg niet in het dieet. En de oplossing dus ook niet in stoppen met het dieet. Het dieet was slechts de aanleiding, niet de oorzaak. Wat het dieet heeft gedaan, is een eetstoornisfysiologie activeren die er al was, maar waar jij je niet bewust van was.

De basis voor die fysiologie is al veel eerder gelegd. In een kindertijd waarin je te weinig veiligheid, afstemming of ruimte kreeg om je te ontwikkelen op de manier die jij nodig had. In een langere periode van stress, verlies of overbelasting. In een systeem dat op zichzelf aangewezen leerde te zijn en dat manieren moest vinden om overeind te blijven.

 

Wat er dan gebeurt, is dat jouw systeem het eetgedrag inzet als regulatie. De restrictie geeft controle waar je weinig regie en autonomie ervaart. De eetbuien geven kalmering waar rust ver te zoeken is en je lichaam voortdurend in stressmodus staat. Het tellen, wegen en plannen geven richting en zekerheid als je geen idee hebt wat jij nodig hebt. Zolang jouw systeem geen andere weg kent, lukt het je niet om dit gedrag los te laten. Ook niet als je het heel graag wilt.

 

“Ik weet zelf ook wel dat het niet gezond is. Alleen zonder dit eetgedrag weet ik niet hoe ik de dag door kom.”

En dat brengt ons terug bij de uitspraak op de radio. Voor iemand met een lange eetgeschiedenis is ‘een uit de hand gelopen dieet’ geen verklaring. Wat wel veel verklaart is de laag die daaronder ligt. Een laag met een eigen verhaal dat het verdient om gehoord te worden.

 

Hoe los ik het dan wel op?

 

Kennis is een eerste stap. Wij lezen ook alle boeken en artikelen die we tegenkomen. Maar kennis alleen verandert je fysiologie niet. Wat werkelijk zorgt voor verandering is bewustwording en beoefening. Herhaling en tijd met iemand naast je die zelf gereguleerd is.

De patronen waarin je nu vastzit zijn door herhaling ontstaan, sterker nog je hebt eindeloos geoefend om door te kunnen en te overleven. Precies zo verandert het ook weer: door herhaling! Maar dan van iets anders.

En deze keer bewust, met aandacht, met zorg en met toewijding. Toewijding is iets anders dan discipline. Discipline is wat we inzetten als we onder druk staan. Toewijding is wat blijft als de druk wegvalt en je keuze ervaart.

Maar het cruciale verschil is: je doet dit niet alleen. Je wordt gezien, gespiegeld en gesteund door iemand die er is als het oncomfortabel wordt, die niet stuurt maar meebeweegt. Herhaaldelijk. Zo leert je systeem, dat vaak al sinds de vroegste kindertijd op zichzelf leerde staan, iets nieuws: dat het mag leunen.

Dat noemen wij co-regulerende samentijd. De enige manier waarop een zenuwstelsel leert wat het in de vroege kindertijd niet heeft kunnen ontwikkelen. Zonder woorden, zonder methode, alleen door er werkelijk te zijn.

Wij werken tegelijkertijd aan alle lagen die het eetgedrag en de controlepatronen in stand houden. Aan jouw fysiologie, aan jouw relationele geschiedenis, aan hoe je in dit moment aanwezig kunt zijn. Stap voor stap. In de juiste volgordelijkheid, in het tempo dat jouw lijf toelaat.

Zo ga je jouw eigen lijf verstaan en leer je samenwerken. Je leert tolken wat je nodig hebt. En gaandeweg zul je merken dat je eetgedrag verandert, moeiteloos, omdat het niet langer nodig is.

Hoe wij werken

 

Voel je welkom bij ons!

1. Je kunt een persoonlijk inzichtgesprek inplannen met ons via de website. Een gesprek waarin we samen kijken naar jouw situatie. Met veel aandacht voor wat er onder het verstoorde eetgedrag ligt.

2. Je kunt luisteren naar onze lange podcast van ruim 2 uur  met Giel Beelen (Kukuru.nl #288)

Renate Lukassen

Thought Leadership Disordered Eating

Vragen over dit onderwerp

 

 

 

Do not use/delete this tab (hidden tab on the front end)

Your content goes here. Edit or remove this text inline or in the module Content settings. You can also style every aspect of this content in the module Design settings and even apply custom CSS to this text in the module Advanced settings.

Is een eetstoornis een gevolg van op dieet gaan toen ik jong was?

Nee. Bij velen begint het wel met een dieet, maar dat dieet is de trigger, niet de oorzaak. Onder het gedrag ligt bij bijna al onze cliënten een systeem dat al ver vóór het eerste dieet gevoelig was voor controle en vaak al heel alert of gespannen was. Dat is niet iets wat je zelf hebt aangelegd. Dit hangt direct samen met de

Je zenuwstelsel wordt gevormd vanaf de tijd in de baarmoeder en de eerste jaren, in hoe veilig samenzijn destijds voelde en in wat je systeem heeft moeten leren om zichzelf te reguleren. Bij sommigen wordt die onderlaag pas in de puberteit zichtbaar, wanneer het hele stresssysteem opnieuw wordt georganiseerd en vroegere patronen geactiveerd worden. Dieten kan verstoord eetgedrag in gang zetten of versterken, maar het is niet waar je eetstoornis vandaan komt.

Bij Bodytolk werken we aan die onderlaag, niet aan het dieet.

 

Wat is een eetstoornisfysiologie?

Eetstoornisfysiologie is de manier waarop je zenuwstelsel en stresssysteem zich hebben aangepast aan langdurige onveiligheid, spanning of tekort aan afstemming. Het is geen diagnose. Het is een bedrading. Je systeem staat op scherp, kent geen rust en verwerking, en ervaart je lichaam eerder als iets dat gemanaged moet worden dan als een betrouwbare informatiebron.

Honger, verzadiging en verlangen komen niet meer helder binnen. Om jezelf staande te houden ontstaan strategieën die het systeem tijdelijk hanteerbaar maken: restrictie, eetbuien, controle, compensatie, hard werken. Deze onderlaag blijft actief ook nadat een eetstoornis gedragsmatig is opgelost. Daarom werken wij bij Bodytolk niet aan het gedrag, maar aan de fysiologie eronder. Pas als die verandert, kan je lichaam weer een plek worden waar sensaties informatie zijn in plaats van een dreiging.

Hoe helpt een podcast of zelfhulpboek bij een eetstoornis?

Een boek of podcast geeft je informatie, taal en herkenning. Voor het eerst zie je misschien dat je situatie logisch is en dat je niet gek bent. Dat is een belangrijk begin.

Wat een boek of podcast niet kan bieden is wat je zenuwstelsel eigenlijk nodig heeft om iets nieuws te leren: de afgestemde, warme aandacht van een ander mens. Je zenuwstelsel leert niet in isolatie, maar in relatie. Weten waarom je grijpt naar eten, of juist niet eet, is iets anders dan je systeem helpen om anders te reageren op wat je van binnen voelt.

Bij de mensen die bij ons komen zien we dat zelf-werk soms zelfs een nieuwe vorm van controle wordt: nog een boek, nog een podcast, nog een cursus, terwijl de onderlaag onaangeraakt blijft. Bij Bodytolk werken we juist aan die onderlaag, in co-regulerende samentijd, zodat je systeem opnieuw kan leren wat het altijd van buitenaf heeft moeten regelen.

0 Comments